Knuffelen met je therapeut

Ik zit tegenover haar en ze knikt terwijl ik mijn verhaal vertel. Plotseling voel ik een enorme golf aan emoties opkomen die vervolgens uit mijn ogen stroomt. Ik voel me intens verdrietig. Door de druppels heen kijk ik verwachtingsvol naar de therapeut. Ze zit met haar armen over elkaar en knikt. Ik voel me alleen, alleen in mijn verdriet. Het eenzame gevoel verlamt me. Een kwartier later hoor ik in een waas zeggen dat het tijd is en dat we moeten afronden. Ze steekt van een dikke meter afstand een arm mijn kant op en geeft me een hand “Sterkte, tot de volgende keer” Twee minuten later sta ik buiten. Het regent en vriest niet, maar zo voelt het wel…

Na een jaar van wekelijkse gesprekken namen we afscheid. Ik was vrij gehecht aan haar geraakt en had enorm veel vertrouwen in haar kunnen gekregen. Ze wilde me opnieuw, zoals na iedere sessie, een uitgestrekte arm toereiken. Ik deed toen iets wat ik al een jaar lang wilde doen. Vol schaamte vroeg ik of ik haar even mocht omhelzen. Ik had nu toch niets meer te verliezen, want het contact zou toch stoppen. Ze keek wat verbaasd “knuffelen met je therapeut?” maar ging met enig omgemak op mijn aanbod in. Na een jaar van “professionele afstand” was er nu even, héél even, vijf seconden, nabijheid en dat voelde goed. We waren beiden even gewoon mens… 

Naast dat ik binnen instellingen het nodige heb gezien als cliënt en partner, heb ik inmiddels ook de nodige ervaring vanuit mijn werk met diverse GGZ instanties. De regels rondom afstand en nabijheid lijken bijna overal hetzelfde gehanteerd te worden. Er wordt een professionele afstand gehouden, wat over het algemeen inhoudt dat er niet meer fysiek contact is dan enkel het schudden van de hand, zeker als het gaat om psychologen en psychiaters.

Gelukkig heb ik binnen de GGZ ook de nodige sociotherapeuten meegemaakt die wel zo met cliënten omgingen dat een schouderklopje of een arm om iemand heen mogelijk was. Dat gaf een warm en wij-gevoel, in plaats van het ‘wij – zij gevoel” dat nog weleens wil ontstaan o.a. door de grote afstand tussen professional en cliënt. Je had het gevoel gewoon met een mens te praten, gewoon iemand zoals jij en ik. Je had niet het idee ‘beneden’ iemand geplaatst te worden. Je voelde je immers als minderwaardig genoeg. Je werkte samen en dat was prettig.  

Helaas ken ik ook veel verhalen van extreme afstand. Cliënten mochten niet eens over de drempel van het kantoor van de sociotherapeuten komen. Werd dit per ongeluk toch gedaan, dan werd zakelijk verzocht een stap achteruit te doen. Het leek een soort machtsstrijd, waarbij de sociotherapeut kunstmatig duidelijk wilde maken wie de baas was. Dit zorgde voor een heel naar gevoel en automatisch voor afstand en soms zelfs opstandigheid. Het “wij-zij gevoel” werd versterkt. Er werd niet meer samengewerkt, maar tegen elkaar gestreden. Het was echt de professional, die bijna geen mens meer was, versus de patiënt, zeker niet de cliënt. Dit zorgde niet alleen voor weinig herstel, maar ook voor veel vroegtijdig gestaakte behandelingen en ontslag. 

Toch wordt er binnen de hulpverlening altijd op gehamerd dat professionele afstand belangrijk is. Je hebt immers een hulpverleningsrelatie met iemand, geen vriendschap. Juist door die hulpverleningsrelatie kan je veel bereiken. Betekent professionele afstand dan dat er geen enkel lichamelijk contact mag zijn? Betekent dit dat een arm om iemand heen doen niet professioneel is? Betekent het dat iemand troosten door haar een knuffel te geven onprofessioneel is? Dat is een ingewikkelde kwestie…

De nabijheid en het lichamelijk contact zou er mogelijk voor kunnen zorgen dat iemand extreem gehecht raakt aan de therapeut of dat er voortdurend sprake is van overdracht. Dit kan de behandeling flink in de weg gaan staan. Als iemand zijn hele leven liefde tekort is gekomen, zal één knuffel bovendien niet genoeg zijn en zal deze keer op keer naar meer verlangen. Wellicht zorgt dit er zelfs voor dat het slechter met die persoon gaat, omdat die zo hoopt meer getroost te worden. Waar ligt dan de grens? Tenslotte is er natuurlijk nog het dilemma van de mannelijke therapeut en de vrouwelijke cliënt. Aanraking kan dan op den duur toch verkeerd geïnterpreteerd worden en dat wil je uiteraard ten allen tijden voorkomen binnen een behandeling. Allemaal begrijpelijke redenen om een afstand te behouden tussen professional en cliënt. Maar is dat ook het best voor het herstel?

Tegelijkertijd mis ik binnen instanties weleens de menselijkheid en de letterlijke én figuurlijke nabijheid. Sommige medewerkers functioneren op basis van protocollen en beleid in plaats van op basis van ratio en gevoel. “Zo werkt het hier en daar heb jij je aan te houden” in plaats van “Laten we samen onderzoeken wat goed voor jou is”. Dat is makkelijk en veilig, want je hebt altijd iets om op terug te vallen als er iets fout gaat. Tegelijkertijd kan je je afvragen of een menselijke benadering op de duur niet voor beide partijen veel prettiger is. Ik denk dat iedere hulpverlener voor zijn eigen kind een hulpverlener wenst die menselijk, betrokken, warm én professioneel is. 

Kortom: Ik stem voor de middenweg. Ik hoef geen knuffelsessie met een therapeut, maar ik had het wel heel fijn en helpend gevonden als sommige psychologen en sociotherapeuten in het verleden net wat warmer en menselijker waren geweest en zich iets minder hadden gehouden aan die professionele afstand. Dat had er niet alleen voor gezorgd dat ik minder was gaan schoppen en meer was gaan samenwerken, maar ook voor meer vertrouwen en misschien wel voor een klein beetje extra warmte voor de kilte in mijn lijf…

Fotografie: Haley

Ik ben benieuwd wat jouw ervaring hiermee is…
Laat gerust je reactie achter ♥ 

Scarlet

Geschreven door Scarlet

Reacties

57 reacties op “Knuffelen met je therapeut”

  1. Ik ben het met je eens, ik denk dat de middenweg het beste is! Het doet wel eens pijn om te beseffen dat je ‘maar een cliënt’ voor iemand bent… als je merkt dat iemand zijn werk echt met hart en ziel doet, is dat toch fijn.

  2. Confronterende blog scarlet. ik worstel best wel met dat punt,maar zelfs ik merk dat ik de middenweg steeds beter kan accepteren en aangaan. Dankjewel voor dit waardevolle blog

  3. Goed verwoord.

  4. Soms is alles wat ik nodig had van mijn psych een knuffel, maar die gaf ze me nooit. Zo naar dit.

  5. Bij mij is knuffelen met mijn (mannelijke) therapeut helemaal uit de hand gelopen. Ik heb er jaren over gedaan om het een beetje te verwerken. Ik vind het nu fijn als therapeuten op een gelijk niveau met me omgaan en me laten voelen dat ze betrokken zijn, maar echt lichamelijk contact vind ik niet in een therapeutische relatie thuishoren.

  6. Had hier heel erg de behoefte aan bij een docent, en gebeurde ook regelmatig wel een beetje, maar ik denk dat het uiteindelijk wel te ver is gegaan met mijn verstand, mijn gevoel zegt andere dingen

  7. Zorg op maat. De een heeft wel een knuffelsessie nodig en de ander niet. Zeker bij eetstoornispatiënten vind ik dat het wel moet kunnen.

  8. Ik verlang nog steeds heel erg naar een knuffel van mijn therapeut.. soms droom ik er wel eens over hoe dat zal zijn. Ik durf het alleen niet te vragen, bang dat ze me afwijst. Ik vind mijn therapeut warm en betrokken, maar tegelijkertijd ook professioneel. Dat laatste verward me dan wel eens, bijv. als ze me een hand geeft aan het begin. Dan besef ik me weer dat ik een client ben en dat het haar werk is..

  9. Helemaal mee eens…. een knuffel of arm om je heen klopje op je schouder… aai over je hoofd. Voor mij zijn die momenten om te koesteren. Een verlangen. Maar ook echt helpend in het vertrouwen dat ik er mag zijn. Ik kan niet omgaan met het puur zakelijke of protocollen opvolgen zonder als mens zelf na te gaan wat iemand zijn behoeft kan zijn… of gewoon mens zijn… transparatie eerlijkheid en puur zichzelf. Dan kan een therapeur met mij heel veel bereiken.. als er geen klik in gevoeltje is… betekend het niks voor mij. En is therapeut een woord en geen persoon… dus niet veilig.

  10. ik durf alleen met de fysio te knuffelen. is ook de enige die enige warmte uit naar ons toe vind ik… de rest is super zakelijk.

  11. Dit was ook een discussiepuntje bij de documentaire. Het antwoord dat daar gegeven werd, was voor mij de spijker op z’n kop. Zeg het! Zeg gewoon van joh, het mag niet, maar ik zou je nu zo graag even een knuffel geven.

  12. De tussenweg zou ik het fijnste vinden. Ik heb bij een instelling waar ik een jaar intern heb gezeten echt het gevoel gekregen dat je maar een nummertje bent wanneer je een therapeut bezoekt. Er was daar zo’n grote, onmenselijke, afstand tussen de client en de behandelaar. Je mocht zelfs niet vragen hoe hun vakantie was geweest of iets in die richting. Ik heb tegenwoordig een fijne creatieve therapeut, zij kijkt echt naar wat diegene die bij haar komt nodig heeft. Ik heb daar lange gesprekken met haar over gehad. Zelf heb ik jaren lang gedacht dat behandelaren kilometers boven de patiënten zaten maar door m’n creatieve therapeute voel ik dat ik ook gewoon mens ben. En ik vind het heel fijn als ze even mijn hand vasthoudt of als ze een knuffel geeft. Ze vraagt het van te voren wel altijd of het mag, dat vind ik heel prettig. Ik ben ervoor dat de behandelaar per persoon bekijkt welke behandelwijze het beste aanslaat, zo boek je sneller en meer vooruitgang.

  13. Ik denk dat behandelaren best aan kunnen voelen in welke situatie en bij welke client het wel of niet kan.. en eens met anoniem: alleen het zeggen al kan je even dat extra gevoel van “ertoe doen” geven.

  14. Helemaal mee eens!
    Ik had zo graag eens een arm om mee heen gehad of een schouderklopje…
    Nooit gekregen…

  15. Ik heb een therapeut gehad die zelf de band tussen mij en haar heel erg belangrijk vond en me vaak knuffelde. Ik vond dat altijd ongemakkelijk en vervelend, maar ik durfde de knuffel niet af te wijzen. Ik had liever een professionele afstandsrelatie gehad achteraf. Ik was juist naar een therapeut gegaan omdat het me niet lukte om met iemand over mijn problemen te praten met wie ik een band had, zoals mijn ouders. Als je dan een band krijgt met de therapeut komt er niet echt vooruitgang.

  16. Wat een worsteling is die afstand/nabijheid in de relatie met een therapeut. Ik heb dit bespreekbaar gemaakt met mijn therapeut. Zit in een pittig therapietraject en dan is het voor mij prettig om even letterlijk contact te kunnen ervaren. Nu biedt zij mij weleens haar hand aan, of ik vraag het aan haar.
    Dat vind ik wel een mooie tussenweg, eerlijk gezegd. Ik heb geen behoefte aan knuffelsessies, voor mij zou het dan niet veilig meer voelen. Dit is voor mij wel prettig om iets meer nabijheid te kunnen ervaren.

  17. Wauw, ik herken dit echt totaal niet.
    Nadat iemand afscheid nam in deeltijd kreeg die altijd een knuffel, ook van de therapeuten (werd wel altijd gevraagd of dat oké was).
    Ik heb ook gesprekken over vakanties van therapeuten en zelfs over hun relaties.
    Natuurlijk wordt niet alles besproken, maar juist die openheid en eerlijkheid, en het stuk daarin waarin zij ervaringsdeskundige zijn vind ik heel prettig.
    Het is dus misschien meer een vriendschap, maar nog steeds wel professioneel.
    De perfecte tussenweg! (Voor mij in elk geval)

  18. Ik heb helaas ook een hele nare ervaring met het knuffelen met een mannelijke therapeut. Overdracht van hier tot Tokio! Met machtsmisbruik totdat ik in bh voor hem stond. Nu ben ik paar jaar verder, veel therapie verder, inclusief therapie over deze verknipte hulpverlening. En nog weet ik dat hij maar hoeft te bellen en ik sta weer voor zijn neus. Stom he! Voor mij geen knuffels meer. Wat eigenlijk ook wel weer verdrietig is want dit geldt ook voor manlief.

  19. Normaal ben ik altijd een beetje huiverig voor lichamelijk contact. Al heb ik in meerdere behandelingen ( mijn sociotherapeuten waren meestal vrouwen) wel een aai over m’n hoofd gehad, of een hand op m’n arm als in ‘ het komt wel goed’. 1 keer heb ik een knuffel gehad, op een moment waarop ik me hopeloos verloren voelde, de knuffel kwam toen precies op het juiste moment en kon ik even de warmte voelen die ik toen zo hard nodig had. Dat heb ik toen echt wel als heel fijn ervaren! Dus zorg op maat inderdaad.

  20. Ben verliefd op mannenlijke begeleider is nu 9 jaar geleden dat ik intern zarmaar droom nog steeds over hem en 5 jaar geleden kwam ik hem toevallig tegen in de stad hij sprak me aan en we hadden lang gepraat over die tijd. Is nog steeds mijn droomman kan hem moeilijk uit mijn hoofd zetten ook al weet ik dat het nooit iets gaat worden en hij 13 jaar ouder is toch mis ik hem.

  21. Tijdens mijn opname en deeltijd behandeling heb ik met momenten een knuffel van mijn sociotherapeuten gekregen als ik me zo verloren, machteloos en hopeloos voelde. Met regelmaat een hand op mn arm of over mn schouder. Dit heb ik altijd heel erg fijn gevonden. Dit gaf me het gevoel dat ze mij niet enkel als cliënt zagen, maar als een mens, wat ik erg belangrijk vond! Ik heb gelukkig geen last van overdracht gehad. En net als wat Mirjam zegt, bij het afscheid van medegroepsgenootjes, en mijn afscheiden, werd er door de sociotherapeuten gevraagd of je een hand of een knuffel wilde. Ik zou zeggen, zorg op maat. Kijk samen wat goed en fijn voelt en wat je nodig hebt.

  22. Klinkt heel fout maar mijn therapeut en ik knuffelen wel eens en dat vind ik super fijn. Gewoon even liefde en warmte op momenten dat het nodig is.

  23. Ik ben het helemaal met je eens een te grote afstand kan heel erg belemmerend zijn!

  24. Wat een mooie blog is dit weer en heel herkenbaar. Soms vind ik het erg lastig om te bedenken dat een hulpverlener aan het eind van zijn/haar dienst gewoon weer naar huis gaat en dat je dan eigenlijk iemands werk bent. Natuurlijk verschilt dat per hulpverlener en zo heb ik nu een hele goede klik met mijn (mannelijke) psycholoog. Het feit dat hij benoemd dat wanneer ik emotioneel ben hij de behoefte voelt om een arm om mij heen te slaan en te troosten, maar dat het eigenlijk niet mag, vind ik al heel fijn, want dat geeft mij het gevoel dat ik daar niet zit zonder dat het diegene iets kan schelen. Ik denk ook dat een tussenweg het beste is en dat dit per persoon zal verschillen. Voor mij is het al prettig dat iemand het benoemd, dat geeft toch al een bepaalde geborgenheid, iets wat ik mijn hele leven helaas heb moeten missen. Gelukkig durf ik nu mijn vriend wel volledig toe te laten en aan te geven wat ik nodig heb.

  25. Bij afscheid van mannenlijke psycholoog heb ik gewoon knuffel gekregen hij leek op dr phil

  26. Ik ben het ook eens met deze blog de gulde middenweg is altijd belangrijk want ja soms wil ik ook gewoon eens die ene knuffel en wat je zegt dat je geen knuffelsesie wilt klopt ook maar dat 1 ne gebaar mis ik ook wel eens bij mijn therapeuten

  27. Ik vind dat het belangrijk is om onderscheid te maken tussen dingen. Zo vind ik “knuffelen” iets heel intiems. Het doel daarvan is om een *plezierig* gevoel te krijgen. Omhelzen, daarentegen, heeft juist als doel om *angst of verdriet* te bezweren. De omhelzing zegt rechtstreeks tegen je emotioneel overbelaste lichaam: Ik ben er (letterlijk) voor je om op te leunen!!! En dan worden de negatieve emoties minder. Knuffelen is iets dat geliefden doen…

    Verder vind ik naast omhelzen handen vasthouden, even op de schouder leunen en high fives geven een goed idee binnen sommige settings. Bij een echte therapeut zou ik dat hoogstens zeer zelden eens doen. Maar bij een persoonlijke begeleider die echt heel dichtbij staat en geen therapie aan je geeft kan het een heel waardevolle toevoeging zijn!!!

  28. Interessante blog en ook een ingewikkeld thema. Ik vind het wel fijn om, als therapeut zijnde, de kant van de therapeut ook even te belichten. Laat ik vanuit mijzelf spreken.Er wordt in de blog gesproken over menselijkheid in het contact. Ikzelf merk soms juist geen fysiek contact te zoeken met cliënten omdat dit over mijn eigen grenzen gaat. Gebaseerd op mijn ervaringen. Dat ik als therapeut ook mijn grens mag hebben in het contact noem ik `mens zijn`. Als ik iemand geen knuffel, omhelzing of hand op de schouder wil geven omdat dit voor mij niet goed voelt en dit wel doe omdat de ander dit graag wilt, voelt het voor mij onecht en geknutseld. Zonder oprecht betrokkenheid te voelen. Daarmee zou ik zelf het gevoel hebben juist iets te doen wat niet authentiek en daarmee misschien wel verwaarlozend is voor de ander.Ik denk wel dat het belangrijk is om in het achterhoofd te houden dat therapeuten soms geen knuffels of omhelzingen geven vanuit hun eigen grenzen en mens zijn, ipv dat ze dat vanuit de positie van therapeut of `omdat het volgens regels niet mag` niet willen doen.

  29. Ontzettend herkenbaar! Inderdaad ook bij docenten op school waar je een goede band mee hebt. Ik snap hun visie ook wel. Maar een middenweg zou fijn zijn! 🙂

  30. Ik zal wel één van de weinige zijn nu, maar ik vind dus dat het wel kan. Sterker nog, ik vind dat ook menselijk.
    Tuurlijk moeten professionele grenzen bewaakt worden en gewaarborgd blijven. Maar ik vind dat een knuffel of een hand op een schouder prima kan, als dat van beide kanten oke is.
    Ik ben dus zo’n cliënte die dat in therapie wel fijn vond en ik daardoor juist aanrakingen en grenzen aangeven heb kunnen leren. Ik ben een verpleegkunde student en als mijn therapeute dat fysieke contact niet met mij aan was gegaan, had ik nooit deze studie kunnen volgen.
    Dus ja, juist doordat zij dat wel deed, heb ik heel veel kunnen bereiken!

  31. Bij Human Concern zijn ze daar niet zo huiverig voor, wat ik als positief ervaren heb. Bij de ggz-instelling waar ik nu zit, is het net een ijskoude douche. Ik word ook niet aangesproken bij mijn voornaam, maar met ‘mevrouw’, terwijl ik 26 ben. Vreselijk.
    Ik vind dat ze niet zo afstandelijk moeten doen qua fysiek contact

    Zelfs van mijn huisarts kreeg ik een keer een schouderklopje, haha.
    Niet zo krampachtig mee omgaan, maar wel professioneel grenzen bewaken. Een lastig spanningsveld.

  32. Een paar keer een intuïtieve massage in combinatie met een healing mogen ervaren. Wat werd ik emotioneel toen deze aardige man náást me stond in plaats van tegenover me, wat ik vroeger heb meegemaakt en me ook aanraakte. Oh wat eng en tegelijkertijd zo fijn. Wel iemand die zijn grenzen goed weet, geen rare dingen.
    Toentertijd ook zonder gevoel en meer vanuit een machtsverschil. Nu bij die therapeut een warm contact, waarbij veel loskomt aan oude ballast. Moet nog even financieel op orde komen voordat ik weer naar hem toe kan.
    Nu verwacht ik dat niet binnen de ggz maar wat warmer zou wel beter zijn. Een aanraking kan het gevoel geven dat iemand je echt begrijpt, als mens, en niet alleen uit de boekjes.

  33. Eens met A.

    Ik vind het niet thuis horen in een therapeutische relatie. Er zijn ook anderen manieren om te laten blijken dat je betrokken bent. Ik weet nog wel dat een verpleegkundige mij in opname altijd een knuffel wilde geven, vreselijk. Ga weg man.

  34. Mijn eerste gevoel zegt dat ik geen voorstander van knuffels ben. Als ik het op mezelf betrek: ik heb enorm last van overdrachtsgevoelens en knuffels zouden het zeker weten verergeren. Ik denk ook dat knuffels heel trotserend zijn maar dat troost in principe geen doel van de therapie is. Oprechte betrokkenheid vind ik wel heel belangrijk en fijn, maar zelfs die oprechtheid kan je niet van therapeuten ‘eisen’ vind ik, en dat kun je ook niet weten. Als ze jou maar doen laten geloven dat die betrokkenheid er wel is.

  35. De eerste keer dat een verpleegkundige mij vroeg of ik een knuffel wou nadat ik mijn verdriet had geuit, was ik zeer verbaasd. Hoorde ik dat nou goed? Daarna is het hier waar ik zit voor mij haast gewoon geworden wanneer ik veel verdriet heb. Wel bepaal ik zelf wie en wanneer wel en wie en wanneer niet. Ik ervaar het op die momenten als zeer prettig. 2 Armen om mij heen geslagen en een schouder letterlijk en figuurlijk om op uit te huilen. Het voelt dan alsof ik het gevecht niet alleen hoef te voeren. En dat maakt de last al een stuk lichter. Wel maakt het voor mijn gevoel uit of ik met iemand 1 uurtje in de week ambulant contact heb of ben opgenomen zoals nu. Bij ambulant contact zou ik het zelf niet zo snel willen. Diegene staat voor mijn gevoel dan toch verder van me af. Maar hier maken ze me 24 uur per dag mee, 7 dagen per week, dus dan is de relatie toch anders. Bovendien zijn het hier allemaal verpleegkundigen die het doen, mijn psycholoog hier slaat ook wel gerust een arm om me heen, maar echt een knuffel krijg en wil ik ook niet van haar. Daarvoor is de afstand dan weer iets te groot voor mijn gevoel.

  36. Ik ben psycholoog maar heb ook ervaringen als client. Het blijft als therapeut gewoon een heel lastig iets. Er zit zoveel risico aan dat je dat gewoon niet kunt nemen. Ik ben dan ook van mening dat knuffelen echt niet kan. Al snap ik het verlangen van een client. Als sociotherapeut heb je een iets andere rol en zeker als je elkaar ook in een kliniek ed de hele dag door ziet vind ik dat soms nog wat anders.
    Ik ben inderdaad voor de middenweg. Mijn cliënten zijn absoluut geen nummer voor mij. Ik ben zeer begaan met ze. Maar moet ook omschakelen als ik naar huis ga. Als ik niet mijn eigen privéleven ook heb, kan ik geen goede therapeut zijn. Dat wil niet zeggen dat verhalen van cliënten mij niet enorm kunnen raken of dat ik thuis nog eens denk hoe het met iemand zou zijn. Ik zou echter geen goede therapeut zijn als ik met cliënten een veel ge persoonlijke band aan ga. Dan kan ik geen therapie meer geven. Er zijn ook andere manieren om cliënten nabijheid te laten voelen.

    Als client heb ik de behoefte ook echt wel gevoeld. En dat is het dubbele. Je deelt zoveel heftigs en intiems. Maar ook dan helpt het om dat verlangen wel uit te spreken en er samen naar te kijken. Het verlangen mag er zijn en is absoluut oké. Maar maak het samen bespreekbaar!

  37. Als professionele hulpverlener en iemand die vanuit thuissituatie in afstand is opgegroeid kost het mij nooit moeite fysieke afstand te bewaren, ook al voel je de behoefte van de client aan warmte. Ook voelen de meeste clienten absoluut het verschil tussen werkelijke persoonlijke betrokkenheid en dan functionele geinstitutionaliseerde formele functiegericht betrokkenheid. Voor mij is het bewustzijn van dat het normaal zou zijn om oprecht fysiek contact als volwaardig additionele vorm op de mentale en emotionele afstemming (dus niet ”hormoon”gedreven!!). Dat wij in NL en sowieso in Westerse culturen daar zo krampachtig mee omgaan heeft met en onze religieuze (christelijke) wortels en de huidige claim/machts/dreig cultuur, waarbij je als man geen poot hebt om op te staan als iemand jou onterecht zou aanklagen voor sexuele benadering.

    Tot ik in 2006 Psycho-fysieke trainingen ging geven wat het aanraken of een knuffel in trainingen of coachingssessies niet echt een issue, maar bij het geven van psycho-fysieke weerbaarheidstrainingen bij basisscholen (ook na een persoonlijk verhaal van een totaal afgebrande Basisschooldirecteur die onterecht was aangeklaagd) deed ik geen trainingen zonder docenten erbij en huurde ik een vrouwelijke trainer in voor de meisjes.
    De behoefte bespreken is denk ik altijd goed, het eventueel gemis uit verleden kan de therapeut zeker niet invullen ,wel voelbaar maken en helpen helen. De grens is denk ik afhankelijkheid en misbruik (is dus ongelijkheid) van de vertrouwenspositie.
    Het is de individuele invulling van coach/therapeut zijn of deze oprecht de steun en support kan geven die passend is en helpt aan de inzichten groei en doelstellingen van de behandeling. Daarbij loop je altijd in welke vorm dan ook een risico dat jij het verkeerd inschat of de ander het anders ontvangt dan dat je bedoeld. Ik ben tegen de op angst (voor aanklachten/claims/ontevredenheid) gebaseerde regels en voorschriften, al snap ik ook dat een instituut wel een beleid van behandeling en ook grenzen moet vastleggen. Een groot gemis in de reguliere hulpverlening dat de studenten in deze sector de eigen (fysieke) grenzen, blokkades, normen en waarden niet echt (bij elkaar dus in gelijkwaardige rol) leren te onderzoeken in de opleiding, waardoor ze soms voor het eerst aan dilemma’s en interne gevoelens blootstaan in trajecten met hun clienten die dus dan proefkonijn zijn. Afhankelijkheid in welke relatie dan ook, kan leiden tot grensoverschijdend gedrag, dus ook in de therapeutische relatie en is nooit een goede optie. Al is de afhankelijkheid in de coaching/therapeut rol in bepaalde fasen niet altijd te voorkomen en geeft de behandelaar een grote verantwoordelijkheid dit te herkennen in de gaten te houden en te bespreken als onderdeel van de behandeling.

  38. Ik vind dit een hele goede blog en het is ook iets wat me zelf wel bezig houdt, maar ik ben sowieso van mening dat het lichamelijk contact niet te veel van een therapeut uit mag komen, zoals Melanie hierboven beschrijft.

    Het kan absoluut niet dat een cliënt aangeraakt wordt door een therapeut als de cliënt dat eigenlijk niet wil. Dat vind ik het belangrijkste.

    Voor een cliënt denk ik dat het het beste is om het over dit gevoel te hebben met de therapeut. Te onderzoeken waar het vandaan komt, wat lichamelijk contact teweeg zou brengen en of het helpend zou zijn of niet.

  39. Ik denk dat het in sommige gevallen wel moet kunnen. Ik heb heb zelf, naar mijn idee, een hele goede band met mijn behandelaar (waar ik overigens volgende week mijn laatste afspraak mee heb omdat ik naar een andere instantie ga) en aan het begin en het einde van een sessie is het altijd een hand. Ik heb vaak ontzettend hard gehuild of me juist heel leeg gevoeld. Ik denk dat op die momenten een knuffel me heel veel goeds had kunnen doen, maar het was altijd een handdruk met precies dezelfde woorden “ik zie je volgende week, succes” “bedankt”. Ik vind dit toch ergens wel een beetje jammer denk ik, al snap ik wel helemaal dat het voor haar waarschijnlijk lastig is wat ze wel en niet kan doen.

    Ik heb wel een paar andere therapeuten gehad die af en toe zeiden “ik zou nu graag een arm om je heen willen slaan”, terwijl ik naar mijn idee juist helemaal geen band met hen had. Als ze het dan wel gedaan hadden zou ik het waarschijnlijk juist vervelend gevonden hebben. Ik denk dus wel dat je het er over moet hebben.

  40. Ik denk inderdaad dat de middenweg de oplossing is.
    Ikzelf als verpleegkundige leg best wel eens een arm op iemands schouder of een aai over de rug in een ziekenhuiswereld vol ellende, overlijden en pijn die mensen doorstaan. Echt knuffelen met patiënten doe ik eigenlijk nooit, behalve op de kinderafdeling 😉

    Met mijn psycholoog heb ik heel fijn contact, er is fysieke afstand, maar ze toont veel persoonlijke betrokkenheid, praat ook over haar eigen leven en ik mag ten alle tijden bellen en mailen als ze aan het werk is. Zo is er toch die professionele afstand maar voelt het toch totaal niet kil of koud.

  41. Ik vind het eng. Ik heb meerdere keren ervaren dat hulpverleners verliefd werden.
    Stel je voor dat knuffelen dan toegestaan zou zijn geweest. Dan ben je als patiënt nergens meer.
    Aan de andere kant vind ik dat een hand op je schouder en dergelijke eigenlijk moet kunnen, maar misschien niet bij een” een op een ” contact. Ik vind het eng om de band tussen patiënt en therapeut te hecht te maken. Ik vind het prettig om duidelijke grenzen te hebben en het zou fijn zijn om als patiënt ook van te voren te mogen weten waar die liggen.

  42. Ik bedoel grenzen niet alleen qua lichamelijk contact maar misschien nog meer op het emotionele vlak.

  43. Ik heb altijd al moeite gehad met professionele afstand. Ik heb wel ervaren dat het mogelijk is om betrokkenheid te voelen zonder fysiek contact, maar ik verlang naar meer. Het liefst wil ik stevig vastgepakt worden en veilig in de armen van de ander wegkruipen, maar dat is nog nooit gebeurd. Ik hoop bij een bepaald persoon nog altijd dat ze dit een keer bij me doet. Dat ze er niet alleen maar voor me is met haar luisterend oor en haar woorden, maar ook met aanrakingen. En stel dat ze mij een keer een knuffel zou geven, waarom zou dat dan een probleem zijn? Buiten een professionele setting is er niemand die daar een punt van maakt, dus waarom daarbinnen wel?

  44. Ik ben zelf helemaal niet van het aanraken en knuffelen enzo, dus ik vind het alleen maar fijn dat therapeuten dat meestal niet doen.
    Ik kan wel begrijpen dat sommige mensen er wel behoefte aan hebben.. ik weet niet of het goed is als therapeuten meer een knuffel zouden geven ofzo. Sowieso vind ik dat hulpverlening je niet moet aanraken zonder het te vragen, want je kunt heus niet altijd inschatten of iemand dat wilt en het is idd een proffesionele relatie en ik vind het bijv sowieso niet fijn als iemand mij aanraakt (ook niet-hulpverlening.) Misschien zou het goed zijn dat er een knuffel/schouderklopje oid gegeven mag worden als het vante voren word gevraagd en goedgekeurd. Maar dan nog kunnen er natuurlijk verkeerde situaties ontstaan, waarbij iemand te afhankelijk word oid. Dus het is gewoon een lastige kwestie.

    Oja er staat in het artikel: “Tenslotte is er natuurlijk nog het dilemma van de mannelijke therapeut en de vrouwelijke cliënt. Aanraking kan dan op den duur toch verkeerd geïnterpreteerd worden en dat wil je uiteraard ten allen tijden voorkomen binnen een behandeling.”
    Maar dit geld natuurlijk niet alleen bij een mannelijke therapeut en vrouwenlijke client, er kan ook een verkeerd geinterpreteerde/verkeerde aanraking zijn tussen een mannelijke therapeut/mannelijke client, vrouwelijke therapeut/mannelijke client of vrouwelijke therapeut/vrouwelijke client!

  45. Wat fijn om dit artikel en de reacties te lezen.
    Ik, als mannelijk holistisch massagetherapeut, heb hier ook mee te maken.
    Ik heb de overtuiging dat veiligheid, vertrouwen en nabijheid tussen client en therapeut het belangrijkste is om met elkaar samen te werken. Professionele “afstand” is nodig om goed te kunnen begeleiden, maar er moet ook een klik zijn, warmte, betrokkenheid, oprechte aandacht. Dat is misschien nog wel belangrijker dan de therapievorm zelf. Ik merk in mijn praktijk dat zowel mannelijke als vrouwelijke clienten dit erg belangrijk vinden: echt contact van mens tot mens en geen gevoel dat je een van de vele clienten bent. Nu is aanraken met aandacht sowieso mijn werk, maar als ik het gevoel heb dat een client een knuffel of hand op schouder nodig heeft, vraag ik eerst toestemming. Mijn client geeft de grens daarin aan. En als ik het gevoel heb dat het niet gepast is op dat moment, zal ik het ook niet doen.
    In onze maatschappij wordt afstand houden (heerlijk veilig, maar vaak eenzaam) en vooral vanuit je hoofd leven als een soort norm verheven. Ik pleit er voor om meer met je omgeving in contact te komen met een aanraking/knuffel wanneer je die behoefte hebt (dat hoeft dus niet met je therapeut te zijn). vraag aan die persoon of je een knuffel mag (geven), leg een keer je hand op die schouder van een collega, vriend(in), iemand die je nabij staat. Het kan zoveel betekenen voor een mens. Het is een liefdevolle, warme manier om iemand te steunen wanneer zij het nodig heeft.

  46. Wat prachtig verwoord.. Ik hoop in januari af te studeren en ga dit onderwerp gebruiken voor mijn stelling!

  47. Ik heb bij een therapeut nog nooit te behoefte gevoelt voor een knuffel, maar wel bij mijn Engels docent en mentor van de middelbare school. Ik kon heel erg goed met haar praten en had bij haar ook echt het gevoel dat ze met me praatte omdat ze het ook echt belangrijk vond dat het goed met me ging en niet alleen omdat het haar werk was, dat vond ik erg fijn. Ik kreeg op een gegeven moment tijdens haar les te horen dat een goede vriendin van mij vermoord was (destijds was het onduidelijk of het moord of zelfmoord was en gingen veel mensen uit van het laatste). Ik heb keihard zitten huilen en ze vroeg heel voorzichtig of ze een arm om me heen mocht slaan. Ik heb altijd veel afstand gehouden van mensen omdat ik me ongemakkelijk voelde bij mensen en omdat ik het toch eng vond, maar op dat moment voelde ik echt een beetje troost en rust toen ze haar arm om me heen sloeg. Ik heb haar sinds dien nog een paar keer een knuffel gegeven, rond of na mijn slagen, tijdens mijn diploma ophalen, toen we terug op school kwamen na zeilkamp en tijdens het ophalen van mijn IB diploma. Het voelt nu gewoon prettig en ik voel me niet langer ongemakkelijk bij het idee een knuffel van haar te krijgen. Ik heb niet langer echt die behoefte omdat ik haar maar eens in de zoveel tijd spreek en dus ook niet meer echt al mijn problemen bij haar uitstort, maar toen ik dat wel deed vond ik het erg fijn dat er echt even om me gegeven werd.

  48. Ik ben verlierfd op mijn psychiater een knuffel gegeven het voelde zo goed mis hem nu heel erg

  49. Als therapeuten ZICHZELF in de hand hebben en verbaal GOED kunnen communiceren ( ´t in de hand kunnen houden ) kan dit best!!! Per slot van rekening zijn ze dan ook in staat de therapeutische relatie te leiden. Een goede therapeut (e ) is GOUD waard een slechte helpt je alleen maar meer de put in! De BESTE therapeut voor jou ben je ZELF. Je weet zelf vaak het beste wat je -op dat moment- nodig hebt. Ik ben meer gaan bewegen als alternatief voor de -ontspannings-therapie die ik kreeg. t Zeurt niet aan m´n kop en ik kom er na een rondje wandelen meer ontspannen vandaan dan na een therapiesessie. Mijn therapeute vond het nodig om sarcastische opmerkingen te maken over dingen die ik haar in vertrouwen verteld heb………Nu is m´n vertrouwen in m´n medemens tot onder de 0 graden gezakt. ´t heeft HEEL VEEL TIJD NODIG om het weer op het oude niveau -als dat nog gaat gebeuren – te krijgen…… Jonnah.

  50. Nu, na 5 jaar therapie en maar m´n best doen ´n goede therapeutische relatie met haar op te bouwen ( wederzijds begrip , gelijkwaardigheid en geduld ) is de relatie geklapt en schaam ik me als introvert, voor ALLES wat ik haar in vertrouwen verteld heb. Nu wil ik het liefste onzichtbaar zijn……. .
    Jonnah.

    1. Waarom zou jij je moeten schamen?
      Dat is toch heel niet nodig! X

  51. Mooie blog. Menselijke warmte, respectvol en gedoseerd, zo waardevol!

  52. Mooie blog
    Ik heb er zoveel behoefte aan… het is dan altijd weer rot te ervaren dat je hun werk bent.

  53. Ik lees deze blog alweer jaren later maar sta nu zelf als psycholoog in de praktijk voor dit vraagstuk. Mijn idee is dat een traject afsluiten met een liefdevolle knuffel heel helend en versterkend kan zijn. Uiteraard vraag ik clienten altijd om toestemming en doe ik dat niet bij iedereen, alleen als het passend en gepast voelt. Ik heb zelf in mijn therapie gemerkt dat een aai over mijn rug of kneepje in mijn schouder soms alles was wat ik nodig had.

  54. Ik ben een Indische naoorlogse patient van de tweede generatie. Ik zit in psychotherapie bij een gespecialiseerd centrum. Ik ben verwaarloosd en opgegroeid zonder veel liefde. Dit is een gemis dat je voelt in elke vezel van je lichaam. Als mijn therapeut mij zou knuffelen of omhelzen zou dat slecht uitpakken. Het is dan namelijk vervolgens nooit genoeg. En je therapeut is niet je moeder. Wat lastig is want alles wat je van je moeder had moeten leren leert de therapeut jou. Een soort moeder dus. Door de afstand die ik heb met mijn therapeut leer ik om mijn emoties zelf te reguleren. Dus is de afstand juist helpend.
    Ik mag wel de behoefte hebben aan een knuffel van haar, maar ik en zeker zij hoeft er niet naar te handelen. Mijn inzien zou het schadelijk zijn voor mij.
    Maar mijn therapeut is zeker geen ijskonijn hoor. Ze is heel erg nabij. Dit ervaar ik door haar gezichtsuitdrukking. Ze kan mij echt op een heel lieve moederlijke manier aankijken. Of ze zegt:" Ik had oprecht gewild dat jij een andere jeugd had gehad". Ik heb ook wel eens een soort afgrijzen van haar gezicht af gelezen bij het vertellen van de fysieke mishandeling door mijn moeder. En als ik een heftige huilbui heb is zij gewoon heel aanwezig stil. En weet precies op tijd te zeggen:" Je bent niet alleen, ik ben er voor je". Ik kan jullie vertellen dat die manier van nabijheid heel erg helend, warm en fijn is. En mij meer waardevol als een knuffel.
    Ze heeft één keer liefdevol mijn arm aangeraakt toen ze op vakantie ging voor drie weken en het duidelijk was dat mijn moeder snel zou overlijden.
    En ook dit was voor mij genoeg troostend. Ik ben ervan overtuigd dat ik niet zomaar een patient ben voor haar. In een sessie is ze met heel haar hart en gevoel bij mij. En daar na laat ze het lekker weer los. En heeft ze de volgende patient weer. Perfect toch. Ik mag nemen en hoef niet te geven. En zij mag mij de hele week vergeten, als ze er maar met haar hart en expertise bij is als ik haar weer zie.
    Mijn therapeut gaat ergens anders werken en ik krijg dus een andere therapeut. Een heel moeilijk proces voor mij. En ik kan hierover alles met haar bespreken. Maar door die professionele afstand en nabijheid kan ik goed afscheid van haar nemen. Ze is namelijk mijn therapeut. Niets meer en niets minder. En toch voel ik een verbinding met haar maar wel een therapeutische verbinding.

  55. Hi, ik geloof dat het een illusie is om een knuffel bij je therapeut of andere behandelaar te kunnen halen.
    Als kind ben je misschien te kort gekomen . Dit is pijnlijk maar wordt niet opgelost door een knuffel van een hulpverlener .
    Wat heb je dan 1 of 2 knuffels . Daarbij is het gevaar van sexuele opwinding aanwezig wat tot nog grotere problemen kan leiden bij een client . Voelen dat je tekort be t gekomen . Daarover huilen en boos zijn en misschien vind je dan een partner waarmee je elke dag kunt knuffelen . Is mijn ervaring na heel veel kast psychotherapie .

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *